Tachtig

De vierde keer rijd ik af bij daglicht en met een examinator voor speciale gevallen. Hij loodst ons naar een rustige buurt. Afgelegen straten, ik-kan-het-ik-kan-het, een enkele verdwaalde vrachtwagen. Ineens schuift de vrachtwagen vóór ons schuin over straat. Het ziet er anders uit dan rijden, de vrachtwagen schraapt, draait. Hij draait klem tussen geparkeerde auto’s en een paaltje op een vluchtheuvel. Krakende herrie. Ik zwenk er in een impuls omheen, ontsnap over de linker weghelft, belachelijk: zo’n streek van de kosmos, hoe kan ik dan ooit dat rijbewijs halen. Ik zeg nog: “Dit verzin je toch niet?“, maar de man naast me is lijkbleek. Ik ben blij dat ik tachtig lessen heb gehad en ons veilig naar het kantoor terugrijd.

Geef een reactie