Kreupel

Ik zag eens een man die kon staan en lopen. Als je tot de bevoorrechten behoort, denk je zelf ook dat je kunt staan en lopen, tot je zo’n man ziet. Het is je meteen duidelijk dat de essentie van het bewegende lichaam je tot nu toe is ontgaan. De man die ik zag, droeg een zwartrode, asymmetrische kimono – misschien iets boeddhistisch – en hij liep een paar passen een boekwinkel in, aan de Warmoesstraat. Hij was één stabiel en stralend staande mens. De winkel heette Himalaya. Je kon er ook zitten en theedrinken, dus ik moest helemaal opstaan, me tussen tafel en stoel uit wringen, met jassengedoe en op hoge hakken. O, al die beweging. Het was een vlucht, kreupel en onwillig, ik had beter kunnen vragen wie hij was.

Geef een reactie